De route: Van Wellen naar Compostella

Hier volg je dag per dag mijn reisavontuur naar Santiago de Compostella!, rijkelijk geïllustreerd met mooie foto's. Ik nodig je uit om mee te genieten, je even op reis te wanen en mee te leven met mijn vorderingen.

Als voorbereiding heb ik onder andere de Via Christina Mirabilis gewandeld in mijn eigen achtertuin, Haspengouw. Deze 5-daagse route start in Sint-Truiden via Brustem of all places, langs hometown Wellen naar Borgloon om via Zepperen terug in Sint-Truiden te eindigen.

Op mijn route naar Compostella, begin Ik met een vrije wandeldag van mijn woonplaats naar de basiliek in Tongeren, waar ik aansluit op de Via Limburgica om vervolgens in de buurt van Hannut op de Via Monastica, aan de 'echte' Camino te beginnen .

Je ziet hier de linken naar de opeenvolgende Via's.

Christina Mirabilis

Wie interesse heeft in het bewogen leven van Christina Mirabilis kan terecht op onderstaande link.

zanger, schrijver, dichter, filmmaker Nick Cave werd o.a. geïnspireerd door haar bijzonder levensverhaal.

 In zijn nummer "Christina the Astonishing" beschrijft hij het leven van deze vrouw, die in de 12de eeuw stierf en    tijdens haar begrafenis opstond en naar het gewelf van de kerk vloog.Deze inspiratie heeft een grote impact gehad op zijn werk en vertoont bovendien heel wat gelijkenissen mijn zijn eigen levensverhaal, een getormenteerde ziel die te kampen had met een zware heroïneverslaving en de afgelopen jaren twee van zijn zonen heeft moeten afstaan.

 

 

 

De Via Christina Mirabilis

Dag 1 : Van St-Truiden via Halmaal en Kerkom naar Brustem

Het startschot krijg ik in St-Truiden samen met mijn border collies Oraysa en Runya. De tocht loopt over 17km en half met een stijging/daling van 56/55 m en er wordt ons voornamelijk beton en asfalt onder de voeten geschoven. Een miezerig weertje dat graag regen over ons zou willen neerplensen, maar zich toch net kan bedwingen. Na een dikke 5 km nemen we een korte pauze aan het panorama uitkijkpunt bij het waterbassin op 77 m hoogte. In de nevel ontwarren we Langerlo, Lummen, en de ganse omgeving van de fruitstad. Een paar kilometer verder op de Romeinse kassei, kort bij Kerkom met de gekende Binkbrouwerij en dito cafeetje, piepen we even binnen in de kapel van de bruine OLV. Van daaruit gaan we richting Bevingen, waar we terug gecatapulteerd worden in de tijd, toen we tijdens onze dienstplicht in 1981 ons rijbewijs vrachtwagen in Brustem haalden. Ondertussen worden we, terwijl we het Cicindria natuurgebied betreden hebben, van alle kanten bespiedt door overvliegende drones die waarschijnlijk testvluchten vanuit droneport maken. Onwillekeurig moet ik aan de huidige strijd in Oekraïne denken. Nog enkele kilometers verder en we landen al op onze eindbestemming,  aan de St-Eucheriuskapel in Brustem.

Dag 2 : van Brustem via Rijkel,  Gotem en Hendrieken naar Wellen 

De dag begint vandaag niet onder het beste gesternte. Onze border collie Oraysa wekt ons om 4u omdat ze dringend haar behoefte moet doen. Weg nachtrust. Ik start in Brustem opnieuw aan de St Eucheriuskapel om via de Donjon en de St Laurentiuskerk richting Rijkel te vertrekken. In het eerste uur is het eerst wat wennen aan het gewicht van een overvolle rugzak van 14 kg. Ik verzeil ondertussen in drie verschillende werelden. Vooreerst het profane Brustem, zoals hierboven beschreven, maar al snel hoor ik schoten van een oefenend Belgisch leger en word ik even later overvleugeld door 2 oefenvliegtuigen die een gevecht boven mijn hoofd simuleren. Tot slot kom ik wat verder terecht in de voorbereiding van een special in de rally. Van Rijkel gaat het via de zwevende kapel en de kapel van Helshoven naar de Tienneboom, waar ik me even van mijn rugzak ontdoe en mijn boterhammetjes onder een stralende zon kan nuttigen. Tot dan nog altijd over beton gelopen, niet de beste ondergrond voor mijn knoken, maar dat verandert even tussen Gotem en Hendrieken aan de mooie Lorettokapel. Stilaan kom ik dichter bij mijn eindbestemming, maar eerst nog via Kuttekoven naar Herten om zo via de broekbeemd aan te komen aan de doopvont van Kristien in Wellen. Stijging 112m daling 138m.

Conclusie van de dag : ofwel de routes beperken tot gemiddeld 20 km, ofwel een razzia in mijn rugzak houden. 

Dag 3: van Wellen naar Borgloon 

Onder een stralende zon start ik deze tocht van Wellen, waar ik vooreerst langs de Christina Mirabiliskapel passeer om vervolgens via de broekbeemd terug in Herten te komen. Via een holle weg en langs velden en plantages bereik ik de gekende abdij van Colen in Kerniel. Langs de oude tramroute en vervolgens langs een talud gaat het richting Jesseren, waar ik gebruik maak van een picknickbank met uitzicht, voor een verdiende middagpauze. De paaseieren smaken heerlijk onder de kerktoren en bezorgen me genoeg energie om het vervolg van de tocht, door de loonse velden en weilanden af te werken. Ik ken deze streek als mijn broekzak. We zijn ondertussen al wat meer gewend aan de rugzak ook, maar de eindklim naar de kerk in Borgloon en de Christina Mirabiliskluis zorgt toch wel voor verkrampte kuiten. Gelukkig is dit het eindpunt van vandaag en kunnen we afsluiten met 232m stijging.

Na 14 dagen gedwongen rust, wegens alweer een spierletsel, het zoveelste al de laatste 3 jaar, zou mogelijk de oorzaak bij mijn medicatie liggen. Mijn huisarts schrijft me een alternatief middel voor en mijn apotheker vult aan met een supplement.  Hopelijk biedt dit nu eindelijk een oplossing. Philip, mijn kinesist lapt me voor de zoveelste keer opnieuw op. Het weze gezegd : Die man verdient een standbeeld.

Dag 4 : van Borgloon via Ulbeek naar Zepperen 

Met een klein hartje begin ik aan de tocht, in de hoop dat mijn geteisterde kuitspier het houdt vandaag. We schrijven 16 maart, de dag dat mijn tocht naar Compostella zou beginnen, niet dus, ik wil eerst deze via afmaken en volgende week maandag start het grote werk dan, hopelijk.

Ik word gedropt in het centrum van het historisch stadje Borgloon, je weet wel , van het graafschap Loon, slechts enkele kilometers van onze woonplaats. Het is 7 graden, maar door de stijve bries die vrij spel heeft op de heuvel waarop Loon gebouwd is, voelt het een stuk kouder aan. Vrij snel verlaat ik het stadje en trek door de natuur en met een flinke daling naar het Stoomstroopfabriek aan de rand van het stadje. Hier volg ik de oude tramroute/fietspad die snel overgaat in een holle weg, geflankeerd door de witte bloesems van sleedoorn en meidoorn, richting Kuttekoven. Mijn fysiek blijkt goed te zijn merk ik als ik de 20 geïmproviseerde trappen richting talud opstuif. Aan het monument ter ere van de ontsnapping van de Joden tijdens WO 2 word ik in mijn hoofd bruusk geconfronteerd met de huidige oorlog in het midden oosten. Een bonte specht ligt er niet van wakker en timmert er lustig op los. Wat verder toont een sijsje me de weg naar de volgende holle weg, waar ook enkele dassenburchten nog bewoond blijken te zijn, gezien de verse graafwerken.

Via het kasteel van Rullingen gaat het richting Ulbeek, deelgemeente van Wellen, maar gezien de dreigende hemel, besluit ik een ommetje te maken en mijn boterhammetjes bij een vriendin in de buurt te gaan nuttigen. De koffie warmt me wat op en de eerste tekenen van spierverval dienen zich aan. De rust komt dus net op tijd, net zoals een dak boven mijn hoofd want er valt ondertussen een plensbui. Ulbeek dan, met zijn historisch dorpsplein met onder andere de hoeve Wouters, waar Bokkerijder Joannes Vanmuysen een brandbrief legde in 1774. Jan Wouters moest een dwangsom betalen zoniet zou zijn hoeve in rook opgaan. Het vervolg van het verhaal krijgen we netjes door onze petanquemaat Rudi in een podcast uitgelegd aan de kapel van Oetersloven, enkele kilometers verder. Joannes Vanmuysen zou zijn drieste daad met zijn leven bekopen, onthoofding was zijn lot.

Tussen de fruitplantages gaan we verder richting Zepperen. De boeren zijn druk in de weer, want de peren staan in knop en 's nachts liggen de temperaturen tegen het vriespunt. Volgende halte is de kapel van Genoveva van Parijs, een van de zogenoemde 'drie gezusters', die samen met Bertilia in de Eucheriuskapel in Brustem en Eotropia in de kapel van Rijkel tot de 20e eeuw als bedevaartplaats door pelgrims werden bezocht. Alle drie kapellen hebben ook een 'geneeskundige' waterput. Onze auto staat aan het eind van onze tocht van 22km gestald aan de Genovevakerk en het beschermde kerkplein. We hebben het overleefd, morgen zullen we weten of onze benen klaar zijn voor de laatste route.

Dag 5 : Zepperen via Nieuwerkerken naar       St-Truiden 

Goed uitgerust start ik op St Patricksday aan de laatste tocht, vanaf de Genovevakerk in Zepperen. De route duikt al snel de plantages in terwijl de vogeltjes me, goedgemutst, een concert aanbieden. Wat verder, ontwaar ik in de verte de basiliek van Kortenbos maar die laten we links liggen ( in werkelijkheid eigenlijk rechts, maar soit). Zo komen we over een kasseiweggetje aan het grootste bos van Haspengouw , deel van het woud Brudelholt, geschonken in 967 door gravin Bertha van Valenciennes aan de abdij van St-Truiden. Ik heb het over domein Nieuwenhoven. Tot voor een paar jaar kwam ik hier wekelijks met mijn vader een wandelingetje maken en nadien de dorst lessen , maar de zaak is nu nog niet open dus moet ik het stellen met een bidon water en een druivensuikertje. In de boom naast me zit een boomklevertje me ongemakkelijk aan te kijken. Leuke baard om in te nestelen denkt hij.

Na mijn doortocht door het domein, passeren we Nieuwerkerken en duurt het maar even voor ik terug een natuurdomein, het schorrebos induik, nadat ik een paar nijlganzen passeer op een akker. Na het schorrebos kom ik aan een picknickbank in het pittoreske Metsteren. Tijd om wat rust te nemen, want mijn benen willen weer niet mee vandaag. Hier is de tijd blijven stilstaan. Na het eten passeer ik een watermolen,  een abdij en kasteel omringd door waterpartijen langs een platanen dreef met kasseien. Op weg hier naartoe passeerde ik enkele bolle weggetjes die me terug katapulteerden naar 1963, toen ik in mijn geboortedorp Stevoort, met mijn eerste fietsje leerde rijden. In het midden was de weg bol en lag er grind op het asfalt. De stroken waar de enkele wagens die er toen passeerden, met hun banden overreden lagen ingezakt en glad. Het was in mijn beleving bijna op een piste leren rijden en bij een val,  in het beste geval in de graskant terecht komen, of erger, in de open gracht vol met netels of met geschaafde knieën op het asfalt.

Maar goed, terug naar het heden. Het gaat erg moeizaam vandaag en als ik aan het psychiatrisch ziekenhuis over de campus Melveren loop, nabij de de dienst opnames,  twijfel ik even, maar snel besluit ik toch maar door te lopen tot aan het beeldje van Sancta Maria . Dit is een stilteplek gecreëerd voor de patiënten maar ook voor passanten zoals ik. Vanaf hier is het vooral afzien, tot in St-Truiden waar ik via het speelhof en het mooie begijnhof langs de St Gandalfuskerk passeer, waar een replica van het romaanse doopvont van Wellen staat. Wist je dat het originele tentoongesteld is in het Metropolitan Museum of Art in New York?Tot slot beland ik op de markt in de Onze-Lieve-Vrouwekerk waar een beeldje en relikwie van Christina Mirabilis te bezichtigen zijn. Het was een boeiende maar vermoeiende dag. Vanavond een Iers whiskytje drinken op St-Patricksday om de pijn te verzachten en mijn feestdag toch goed te beëindigen.

Dag 1 : Van Wellen naar Tongeren en start van de Via Limburgica naar Lauw.

Om kwart voor 9 vertrek ik onder een stralende zon en vergezeld van een penetrante geur van boerenparfum van thuis uit. Al snel laat ik de geur achter en in het Bellevuebos aangekomen struikel ik haast over een overstekend eekhoorntje. Ik beken, het kwam van rechts. 

Over betonnen weggetjes tussen de akkers gaat het naar Gors Opleeuw, waar ik  als ik langs het mooie kasteelpark wandel, een blauwe reiger zijn buit zie binnenslokken. De kerk staat er in de steigers en ik vervolg mijn weg richting Zammelen, waar me een flinke klim voor de voeten geschoven wordt. Ondertussen lopen de tranen over mijn verrimpelde wangen. Niet omdat ik verdriet heb, niet omdat ik gelukkig ben, maar omdat de boompollen hun jaarlijkse intrede gedaan  hebben.

De route gaat verder tussen akkers en weilanden,  niks meer van fruitbomen hier. Ik passeer Overrepen, passeer alweer een mooi kasteeldomein in Kolmont en loop verder op een modderig veldwegeltje tussen de beemden tot ik terug in de beschaafde wereld kom, al is dat relatief hier in Mulken.

Hongerig als ik ben zoek ik in het Pliniuspark de properste bank uit en verorber mijn boterhammetjes in het zonnetje onder het goedkeurend oog van twee eenden die tevreden zijn met de kruimels. In Tongeren zit ik nu en na het eten vang ik de klim aan richting centrum.

Hier vertoefde ik tijdens mijn loopbaan zowel in het oude kantoor van Kbc aan de Grote Markt als later in het nieuwe kantoor aan de Maternuswal. De Grote Markt is mijn doel, want onder het alziend oog van Ambiorix betreed ik de basiliek om 5 minuten later met mijn eerste caminostempel in mijn credential voor het Mariabeeld te staan. 

Omdat ik de stad ken, laat ik de toeristische sites even aan me voorbijgaan en zet koers richting Rutten. Via het Evermaruspad, dat ik samen met mijn buurman Rudi al gelopen heb, vlak langs de Jeker bereik ik de kerk van Rutten. Ik ga onmiddellijk op zoek naar ons favoriete cafeetje daar, voor mijn tweede stempel, maar het blijkt gesloten en te koop te staan. Dan maar verder naar de Evermaruskapel, waar op 1 mei weer het martelarenspel wordt uitgebeeld.

Op weg naar Lauw dan, waar ik terug op de Jeker stuit en wanneer ik die enkele kilometers volg bereik ik mijn slaapplaats voor vandaag. Ondertussen passeer ik nog enkele waterkersvelden. Mijn stappenteller geeft 28 km aan, maar die heeft soms de neiging tot overdrijven, net als zijn baasje.

 

 

 

 

 

 

Dag 2 : van Lauw via Waremme naar Geer.

Om kwart na 3 wakker geschrikt door een goederentrein die door mijn kamer denderde. Alleen er is hier geen spoorweg, dus t zal een vroege boer geweest zijn die voorbij reed. De lokale haan dus ook wakker en dat liet hij het volgende uur horen en om 6 was de ezel in de aanpalende wei wakker. Ondertussen ook nog wat bletende schapen maar voor de rest heel rustig hier en goed geslapen. 

Uitgebreid ontbijt van de Portugese gastvrouw, Fatima. Geboren in Lisboa, maar op haar 3 verhuisd naar het toenmalige Rhodesië als koloniaal. Vertrokken naar Johannesburg,  Zuid-Afrika toen het te heet onder hun zolen werd en via enkele omzwervingen in het rurale Lauw terechtgekomen. Ze wil de B&B graag verkopen en naar Maleisië verhuizen. We zijn zodanig aan de praat over reizen dat ik de tijd uit het oog verlies en van haar de overschot van het royale ontbijt mag inpakken voor onderweg.

Om 5 over 9 begin ik aan mijn tocht, na eerst een golden drop geplaceerd te hebben. Het is winderig vandaag en aangezien het wind op kop is, stuiven de pollen mijn richting uit. De weg loopt opnieuw langs de Jeker op een veldwegeltje tussen het natuurschoon. Aan ganzen en eenden geen gebrek hier. Geruisloos gaan we hier over de taalgrens, waar men van de Geer spreekt. Vele dorpjes op onze weg vandaag zullen naar de Geer verwijzen.

Ook aan Waalse kant wordt de cresson gretig gecultiveerd. Het water komt me in de mond als ik aan zo'n bord waterkerssoep denk. Maar ok ik ploeter verder en wat verder komen we in verstedelijkt gebied met in eerste instantie Oreye met al zijn deelgemeenten en vervolgens Waremme, waar ik mijn lunch nuttig of tweede ontbijt zo je wil. Ik ga hier ook op zoek naar wat eetbaars voor vanavond.

Bij het uitkomen van Waremme zit ik onmiddellijk terug in de weidse natuur, maar eerst passeer ik nog het mooie kasteel, eh excuseer, chateau Longchamp. De weg nadien lijkt eindeloos bergop te gaan, terwijl de forse wind me in de oren giert. Morgen meer van dat. De enige die hier blij mee zijn, zijn de uitbaters van het windmolenpark van Berloz,  dat ik hier passeer. 

Wat verder kom ik in het dorpje Hollogne sur Geer, waar ik door het natuurgebied de Haut Geer stap. Mijn schoenen had ik tot dan redelijk droog en proper kunnen houden maar da's nu foutu. Dit is het leefgebied van een kolonie bevers, maar hen spotten kan ik niet, de restanten van gevelde bomen daarentegen wel.

Het eindpunt komt nu in zicht, na een lange heuvel denk ik er te zijn, maar ik heb de verkeerde stopplaats aangevinkt en moet er nog een tweetal km bijdoen. Zo komt de teller net niet op 30 en morgen meer van dat...in de regen.

 

 

Dag 3 : Omal - Geer - Henret (Eghezee)

Mijn nacht was even turbulent als het weer buiten. Mijn smartwatch geeft een slaapscore van 54 aan. Dat lijkt op mijn puntenkaart in het middelbaar. Geen ontbijt hier, dus begin ik de dag met een energie reep en een verloren gelopen banaan. Dat lijkt op gisterenavond, want de pokebowl die ik meehad leek meer op een doos chili, weggekieperd dus en mijn noodrantsoen aangesproken.

Soit, vandaag staat een zware tocht op het programma in stormachtig weer met regenvlagen. Ik besluit me dus vestimentair aan te passen met mijn olie jack en regenbroek. Als ik vertrek aan mijn logis, krijg ik al onmiddellijk wind op kop en bergop en de lucht ziet er onheilspellend uit. Direct aan de bak dus. Drie patrijzen hadden deze vroege vogelverschrikker ook niet verwacht om 8 uur en vliegen krijsend weg.

Een klein uur doe ik erover om van Omal terug aan te sluiten op de Via Limburgica in Lens-Saint- Servais. Het is een mooi natuurgebied hier aan de boven-Geer die trouwens in het volgende dorpje Lens-Saint-Remy ontspringt. Beiden zijn deelgemeenten van Hannut. Kleinschalige dorpjes, zonder winkel, bakker of café. Probleem want ik zou zowel voor vanmiddag als vanavond nog aan eten moeten komen. Maar goed ik wandel bij een bosrand waar de bomen vervaarlijk heen en weer zwiepen door de sterke wind. 

Wat verder richting Avennes terug hetzelfde open landschap van gisteren met uitgestrekte vlasgaarden, alleen andere windmolens. Ik plan om een 4 tal kilometers van de route af te wijken om in een naburig dorpje in een supra mijn boodschappen in te slaan, maar die blijkt gesloten. Ondertussen stel ik me de vraag wat ik daar in mijn regenkleding zit rond te fokken, maar mijn gedachten zijn nog niet helemaal neergedaald of de eerste plensbui is een feit. Ik keer voorlopig niet terug naar de route want enkele dorpen verder ligt er nog een winkeltje. Daar heb ik meer geluk.

Ondertussen is de regen omgeslagen in een hagelbui en dat op een eindeloos stuk, zonder bescherming en met de wind pal op kop.Tegen dat ik terug met de route aansluiting vind, is het zonnetje doorgebroken en kan ik me wat laten drogen op een bankje, waar mijn broodje er ook aan moet geloven. De pret is echter van korte duur, als ik Wasseige passeer is het weer van datte. Tussen de buien door hoor ik de veldleeuwerik fluiten in alle toonaarden om zijn rivalen weg te houden. Maar ook hij wordt weer bruusk onderbroken door een bui. Ik ben ondertussen de provincie Namen ingestapt 

Even later komen we aan in onze chambre d' hotes in Hanret. We kijken rijkhalzend uit naar een warme douche, maar er geeft niemand thuis en op gsm zijn ze onbereikbaar. Ik had dan wel aangegeven pas tegen 5 waarschijnlijk daar te zijn en daar had mevrouw zich op gebaseerd. Duizend excuses en een gratis pintje later kan ik eindelijk onder mijn warme douche. De kaap van 30 vandaag netjes aangetikt.

 

 

 

 

Dag 4 van Hanret ( Eghezee) - en de aansluiting via Monastica naar Namur

Om 6 word ik wakker door 2 babbelende buurvrouwen, merels denk ik. In de verte kraait een haan. Geen regen denk ik en nestel me nog eens in mijn warme dons. Mijn gastheer staat me op te wachten bij het ontbijt, bespreekt met mij de best te nemen route en wuift me uit nadat hij me nog van een stempel voorzien heeft in mijn credential.

Ik moet een halfuurtje teruglopen om terug op de route te komen en over een veldweggetje in het zonnetje loop ik weer door uitgestrekte landerijen. In de verte voor me zie ik dreigende wolken maar de weg draait en ik volg uiteraard en zo ontloop ik de geplande regen.

Wat verder doorkruis ik een paar piepkleine dorpjes en de lokale veterinair nodigt me uit om in zijn praktijk een koffietje te gaan drinken. Ik bedank hem vriendelijk en vervolg mijn weg. Mensen zijn hier echt nog vriendelijk, steken altijd hun hand in de hoogte of zeggen goeiedag en helpen waar ze kunnen.

Even verder kom ik terecht in een onweer met flinke windstoten, vergezeld van hagel en sneeuw. Ik kan even schuilen tegen de muur van een schuur in het veld. Even later priemt het zonnetje alweer door de wolken en hoor ik de veldleeuwerik weer fluiten : 4 Seasons in 1 Day.

Na mijn lunch op een bankje in alweer een piepklein dorpje loop ik de laatste meters op de Limburgica, letterlijk  want er is opnieuw een onweer losgebarsten en gelukkig word ik binnen geroepen in een lokaal beauty en kapsalon. De hagel zorgt voor een wit tapijt en wordt gevolgd door dikke sneeuwvlokken. Zodra de hemel begint uit te klaren zorg ik dat ik terug opstap. De 6 aanwezige vrouwen willen alles van mijn tocht weten, maar zouden maar wat graag aan zo'n oud vel willen restaureren,  laat staan mijn baard en haren knippen. 

Vanaf nu zit ik dus op de Via Monastica. Hier begin ik aan de 10 km lange Ravel, een spoorlijn waar ze een fietspad van gemaakt hebben, tot ik Namen bereik.Onderweg kom ik een man met een border collie tegen, die wil met me spelen, de border voor alle duidelijkheid.  De man vraagt of ik op reis ben en als ik mijn verhaal doe schudt hij me de hand en  wenst me veel geluk toe. Dat kom je bij ons toch niet meer snel tegen  en ik krijg toch ook een ander beeld van 'de Waal'

Aangekomen in mijn hotel, gooi ik mijn rugzak op bed en vertrek voor een tochtje door deze studentenstad. Ze zijn in de studentenwijk aan een zeepkistenrace bezig, Maar ik moet door, langs het office de tourisme voor een stempel en ook mijn boodschappen doen. Na een warme douche merk ik toch weer meer dan 30 km gestapt te hebben vandaag, tijd dus om hierlangs, een hamburger binnen te werken en dan de verdiende rust.

 

 

 

Dag 5 : Namen-Profondeville-Dinant

 

Na mijn ontbijt onmiddellijk uit de startblokken vanmorgen, maar de eerste meters voelen niet zo goed aan. Ik zoek de schelpentegels in het trottoir om de camino uit het stadje te vinden. Alleen zijn her en der wel wat wegenwerken. T zijn diezelfde mannen van thuis in t straat, althans ze lijken er toch op.

Zodra ik bij de samenvloeiing van Samber en Maas ben, kan ik de weg met de ogen dicht volgen. Maar toch beter niet want je sukkelt natuurlijk niet graag in het koude water. De mist hangt nog boven de Maas en er staat zo vroeg nog een koude bries, maar al snel warmt het zonnetje me op.

Saaie dag zal je denken, zo n ganse dag rechtdoor lopen langs een rivier, maar ze kronkelt stevig op bepaalde plaatsen en je wordt opgezogen door de steeds variërende achtergrond.  Dit is wat ravel 5 met je doet. Waar 3 en 4 gebleven zijn mag Joost weten. In ieder geval word ik steeds weer verrast door de mooie klassieke en Jugendstil villa's en herenhuizen die je hier tegenkomt. Leuk aan het geheel is dat er om de paar honderd meter wel een bankje is om te verpozen. Anderzijds is het een uitdaging om niet te veel stops in te bouwen. 

Als ik bij Profondville me toch weer even heb laten verleiden tot een korte stop, spreekt mij een mijnheer aan die wil weten of ik de St Jacques doe. Ik bevestig en hij zegt : ja ik zag dat jij het profiel hier voor hebt, of hij dan doelt op mijn rugzak of het over mijn apostellook heeft laat ik in het midden. Zijn kameraad had de Camino ook gedaan en naar Rome en naar Jeruzalem.....

Gestaag kom ik korter bij het eindpunt van vandaag,  de abdij van Leffe. Maar eerst hebben de paters gevraagd om te melden dat ik er bijna ben. Net op dat moment komt er niet toevallig een andere pelgrim naar me toe, Dominique. Hij komt uit Mechelen en slaapt ook in de abdij en zo trekken we de laatste kilometers samen naar onze bestemming. We praten allebei honderduit over ons leven, onze loopbaan, onze honden ... en voor we het weten staan we voor de grote poort. Het onthaal is vriendelijk en alles is tot in detail geregeld. Als we samen met hen de vespers mogen zingen denk ik onwillekeurig aan ons moeder die ook altijd in het koor zong. Ze zou me moeten zien. Nadien mogen we aanschuiven voor het avondeten. Eenvoudig maar lekker, alleen de Leffe ontbreekt.  Er wordt over van alles en nog wat gepraat en de sfeer is ongedwongen, hartelijk en de paters zitten niet om een grapje verlegen. We ruimen nadien samen af, de afwas is voor morgen. Geslaagde avond vond ik.

Oh ja, wel minder goed nieuws van het thuisfront want Orayza onze oudste border is gisteren met spoed geopereerd geworden, maar is intussen aan de beterhand en in de goede handen van verpleegster Hilde.

Dag 6 : Dinant - Givet

De dag begint om 8 uur met een mis/gregoriaanse gezangen samen met een koppel jongeren ,4 paters en de abt. Vandaag eten we, mijn wandelcompagnon Dominique en ikzelf niet samen met de paters maar afzonderlijk. Eerst echter neemt de abt ons mee door de kloostergangen naar een plaats waar een beeld is opgesteld van de Heilige Jacobus. Er wordt voor elk van ons een kaarsje aangestoken voor een veilige dag stappen. 

Tijdens het ontbijt raken we zo intens in gesprek dat we de tijd uit het oog verliezen en pas rond half 10 vertrekken aan onze tocht in de regen. Ik moet nog proviand inslaan  maar Dominique niet en we besluiten dat hij al vertrekt terwijl ik wat later volg. Het eerste uur blijft het met tussenpozen regenen en hagelen, ook als ik de inhoud van enkele toeristenbussen in Dinant passeer. 

De benen voelen niet goed vandaag en de verleiding om op een deelstep te springen is dan ook groot maar ik plooi niet. Op een smal bospad gekomen speelt de regen weer tikkertje met de hagel en het wordt nu wel erg modderig. Ook de ondergrondse stenen en wortels zijn glad als ze boven de grond komen piepen. Ik laat mijn tempo dus wat zakken, gezien mijn ervaring uit het verleden. 

Wat verder heb ik Dominique terug ingehaald als we bij een erg smalle passage tussen de Maas en een rots komen. We zijn dan 7 km ver. Mooi stukje natuur hier en het weer wordt stilaan beter. Na nog eens 5 km samen gewandeld te hebben besluit ik aan een idyllisch plekje te lunchen terwijl mijn wandelmaat verder gaat. 

Na een wat bredere bosweg kunnen mijn slijkschoenen wat drogen op het asfalt bij het mooie Hastiere Lavaux. Ondertussen is Dominique een koffietje gaan nuttigen en wat lekkers en wacht hij me getrouw op. Samen is het plezanter om het laatste wat saaie stuk van de route af te werken. We zitten nu net over de grens met Frankrijk en zullen de volgende dagen met die grens blijven flirten. Om onszelf te belonen eten we vanavond bij een Italiaan een lekkere pasta. Je hoort het goed Celis heeft pasta gegeten bij een Italiaan.

 

Dag 7 : Givet - Vierves du Viroin

Vannacht voor de eerste keer terug beenkramp (dat moet van die tagliatelle zijn) om 5 voor 2 begonnen en om kwart na 3 gedaan. Gelukkig was het ondertussen net omschakeling naar de zomertijd. Na het uitgebreid ontbijt wandel ik even terug naar het centrum om een frisse neus te halen en wat patisserie en drinken voor onderweg. Mijn maat en ik hebben afgesproken om vandaag terug samen te wandelen tot het lot ons scheidt.

Het is een zomerse dag met een grote cumuluswolk, althans dat denken we maar het blijkt de uitstoot van een koeltoren te zijn. De ganse dag zullen we heen en weer geslingerd worden tussen België en Frankrijk en op en neer gedwongen worden van vallei tot heuvel. Dat resulteert in mijn geval tot 540 hoogtemeters.

Na onze gespreksronde komen we in het slapende middeleeuwse stadje Hierges. Hier is de tijd stil blijven staan, zelfs bij de plaatselijke rotisserie waar het houtvuur al in de oven staat te roken. Een idyllisch huisje tegen de bosrand staat te koop voor 90k.

Na dit dorpje scheiden onze wegen, omdat mijn maat bij vrienden gaat overnachten en ik de route blijf volgen. Ik zit op iets meer dan de helft van mijn route nu. Ondertussen betoont een vlaams koppel langeafstandswandelaars hun interesse voor ons project. 

Ik mag dadelijk aan een forse beklimming beginnen naar de Belgische grens op een heuvelrug met uitzicht en een bankje. Tijd voor mijn appelflap van de bakker. Nadien is de daling al even steil naar beneden, naar het dorpje Mazée, dat in een dal ligt. En ja je raad het al, aan de andere kant van het dorpje moet ik weer terug naar boven. Zo gaat het steeds weer, met nu vaak een wisselend landschap van uitgestrekte velden of mooie bossen waar het everzwijn zijn thuis blijkt te hebben.

Ondertussen blijft het voorzichtig zijn voor de gladde weggetjes vol met keien en stenen. Op een van de afdalingen kom ik nog een rugzaktoerist tegen van de Vlaamse rand rond Brussel. Hij is aan een zesdaagse trektocht bezig met een tentje, maar beklaagt zich toch de koude kille nachten en voelt zich ook niet altijd even veilig alleen in deze bossen. We wensen mekaar een fijne en veilige verderzetting van de tocht.

Als ik in het laatste bos met een kabbelend beekje en een geur van daslook verder wandel en nadien aan de zoveelste kuitenbijter begin lijkt de batterij stilaan leeg te lopen. Goddank kom ik even later in het dorpje Treignes met een gigantische kerk waarvan de deur openstaat. Ik ga kijken of er geen stempel ligt, maar jammergenoeg niet, wat er wel ligt is een bosje gewijde palm, Palmzondag weetjewel?

Van daaruit is het een quasi vlak pad van enkele kilometers door een bosrand tot het dorpje Vierves sur Viroin, waar ik logeer vanavond. Het avondmaal bestaat uit forel met groentjes en gekookte patatjes. Eenvoudig maar lekker. Ik spoel alles weg met een Chimay trippel en ben nadien half teut van de vermoeidheid. Bedje in en morgen een nieuwe zij het regenachtige dag

 

 

 

 

 

 

 

 

Dag 8 : Vierves sur Viroin - Rocroi

Na het ontbijt in mijn herberg, start ik om 8 uur in de gietende regen. Goeie regenkleding is geen overdreven luxe met dit weer. Bovendien moet ik al onmiddellijk 300 hoogtemeters pakken. Direct wakker dus . Boven gekomen zit ik in een enorm bos met dan weer dennenaanplant, dan weer berk of gemengd. Vrijwel allemaal voor de houtkap bestemd.

Even verder spot ik 2 reetjes op een brandweg, maar zodra ze me met mijn kanariegele jas opmerken huppelen ze spoedig het bos in, uit mijn gezichtsveld. Als even later de regen het even voor bekeken houdt, krijg ik een gratis concert aangeboden door een variëteit aan vogels. In de verte hoor ik een resem vrouwen zeveren over de menopauze, of is het een kettingzaag? Het blijkt het laatste te zijn. 

Zodra ik uit het bos kom zit ik in het dorpje Oignies en Thierache. Hier heb ik met Dominique afgesproken en hij staat me met een vriendin al op te wachten aan de kerk. Regenbroek uit en afscheid nemen van de jongedame en terug het bos in. We ploeteren ons een weg in het slijk door de vele regen en door de omgekeerde aarde van de blijkbaar talrijke everzwijnen. 

Zo gaat het vrijwel de ganse dag met dan weer regen of hagel, dan weer het zonnetje en naarmate de dag vordert ook steeds meer wind. We komen op het punt waar de Belgische via Monastica afgelost wordt door de Franse via Campaniensis. Even later zet ik mijn wandelmaat af aan zijn chambre d' Hotes terwijl ik doorga naar mijn hotelletje in het centrum .

Al bij al vandaag toch alweer 28km en 450 hoogtemeters. Morgen wordt het nog iets zwaarder 

 

 

 


Tussentijdse evaluatie

Ondertussen mijn 2e target bereikt. De eerste was, gezien mijn spierproblemen de Via Limburgica lopen en de tweede logischerwijs de Via Monastica tot aan de Franse grens. Ondertussen ben ik net voor Rocroi aan de Via Campaniensis begonnen en staat de teller op 200 km. Volgende doel ligt ongeveer 120 km verder in Reims


Dag 9 : Rocroi - Signy l' Abbaye

Gisteren ochtend aan het ontbijt zat een Duits koppel naast me , vandaag 2 Nederlandse dames. Allemaal met doel de Camino wandelen, zij het in stukken. De dames doen vandaag 20 km, zelf heb ik er 32 op het programma staan met een hoogteverschil van alweer 430 meter over een 5-tal bergjes verspreid.

Aangezien ik Dominique gisteren aan zijn chambres d'hotes heb afgezet, moet hij nu nog een dikke km extra wandelen tot mijn hotelletje op het centrale plein. Zijn intentie is vandaag 22 km doen. Ondertussen wandel ik even rond op het locale marktje.

Heerlijk zonnig weertje vandaag al is het om 8 uur bij ons vertrek nog -2°. Voor deze namiddag wordt regen voorspeld, maar dat zien we dan wel. Als we stilaan het ommuurde stadje Rocroi uitwandelen,  steekt al snel een andere wandelaar ons voorbij, maar als hij hoort dat we Belgen zijn met hetzelfde doel als het zijne vraagt hij of hij mee mag wandelen.

Tuurlijk wel, zijn naam is Miguel geboren in Spanje maar wonend bij zijn moeder in Molenbeek. Hij stapt sneller dan wij, ondanks zijn 71, maar voor hem is het dan ook al de 8e keer Compostella vanuit elke windrichting. Met iedereen wie ik spreek vinden ze de Noordelijke route in Spanje de mooiste, maar wel de zwaarste. Het laat me stilaan dromen...

Het landschap is vandaag indrukwekkend, uitgestrekte velden en weilanden met de eerste Limousinkoeien afgewisseld met bossen en pittoreske bijna middeleeuwse slapende dorpjes.

Tegen de vroege namiddag hebben we de 22 km van Dominique achter de rug, wat hem doet twijfelen of hij niet met Miguel en mij zou verderstappen tot Signy. Dat wordt uiteindelijk het verdict en alle drie overwinnen we de resterende hellingen, zodat we moe en voldaan in het dorpje aankomen. Eerst in het lokale winkeltje nog wat inkopen doen. Vervolgens stap ik naar de lokale herberg, terwijl zij bij lokale mensen logeren. 

Na een verkwikkende douche en het obligate handwasje van stinkende en vuile kleren, begeef ik me naar het restaurant van de herberg dat tegen 8 uur volledig gevuld is. Achtereenvolgens een pompoensoep, een heerlijk kalfsblanquet en een combi van ijs, kersensorbet en lokale koekjes, afgerond met een espresso en overgoten met een Orval kost me 32 euro. Lang niet meer zo lekker gegeten.  Ik kan er weer tegenaan morgen vroeg.

 

Dag 10 : Signy l'Aubaye - Hauteville - ferme de Lucquy

Vanochtend voor het ontbijt nog even in het lokale winkeltje wat proviand opslaan voor vandaag, maar als ik mijn makkers aan de andere kant van het dorpje even wil contacteren om te horen hoe laat ze vertrekken lukt dat niet. We zitten hier in een vallei en zowel wifi als G5 zijn gebrekkig te noemen.  

Ik besluit dan maar zelf te vertrekken en later opnieuw te proberen. Zij doen 22 km, ik doe er 28 vandaag. De dag start onmiddellijk met een klim en dat zal tekenend zijn voor de rest van de dag, op en neer. Dat zorgt zo vroeg in de morgen al wel voor prachtige vergezichten. Als ik door een klein bosje verder naar boven trek, stijgt er vlakbij een buizerd op.

Boven gekomen contacteer ik mijn medegezellen opnieuw en dit keer met resultaat. Ik wacht een kwartiertje tot we herenigd zijn. En zo trekt de dag zich langzaam op gang met een golvend landschap van nu weer eens akkers, dan weer een bos. Miguel neemt regelmatig voorsprong op ons, maar de wegmarkering is erbarmelijk en hij heeft geen GPS. Terwijl Dominique en ikzelf in gesprek zijn stapt hij naarstig door, tot hij niet meer weet welke kant uit. We zitten meer dan een km uit de richting, zo blijkt. Dan maar terug dus.

Als we de juiste weg teruggevonden hebben,moeten we een paar kilometer door moerasachtig gebied waden tot we weer eens een levenloos dorpje bereiken. Al is dat niet helemaal correct want een bij een boerderij vindt een mooie jachthond het tijd om eens een uitstapje te maken met deze drie heren. Hij loopt zeker een drie kilometer door de velden met ons mee, tot hij in het territorium van een herdershond is verzeild. Dan maakt hij rechtsomkeert.

Ondertussen krijg ik last van mijn rug en ik vrees voor een blaar op mijn rechtervoet. Ik neem dus even pauze en laat de twee anderen verder gaan. De golvende landschappen volgen zichzelf op aan een sneltempo en bij Hauteville heb ik mijn twee makkers terug bijgehaald. Hier stopt hun reis vandaag en ik trek naarstig verder door de uitgestrekte landschappen met hier en daar gele velden met koolzaad. De grond is hier erg kalkrijk aan de witte paden te zien.

Aangekomen bij de kasteelboerderij waar ik ga overnachten, word ik welkom geheten door de gastvrouw, boerin Dorothee. Het is een biologisch bedrijf dat voornamelijk graanproducten en aardappelen verbouwd op 240 ha.  Ja je leest het goed. In het verblijf leven ook 3 Franse loonwerkers momenteel, samen met mij als enige pelgrim.

Ik heb mijn eigen kamer en douche, waar ik al snel gebruik van maak en waar de grootte van mijn blaar snel zichtbaar wordt. Hopelijk kan ik morgen verder. Blaarpleister kleven en morgen schapenwol aanbrengen onder mijn liner zal hopelijk de zaak stabiel houden.

 

Dag 11 : Lucquy - Boult sur Suippe 

Zeer goed geslapen in deze rustige locatie. Van zodra ik opstond kraakte de oude eiken planchée onder mijn voeten, maar gelukkig waren de drie loonwerkers om 6 al uit de veren en tegen dat ik enigzins toonbaar was, waren zij al vertrokken.

Na een gesprek met Dorothee en Marc blijkt dat zij 480 ha bewerken, voornamelijk granen en aardappelen, volledig biologisch. Dorothee is de boerendochter die het bedrijf runt en ook de b&b, Marc is zoon van een Parijse fotograaf, die furore maakte met zijn foto's tijdens de woelige periode in mei 68. Hij heeft zich om hun drie kinderen bekommerd en zorgt ook voor zelfgebakken brood en eigen gemaakte confituur. 

Onder een stralende zon start ik mijn 33 km van vandaag aan 0°, nog n beetje fris met enkel een wandelshirt, maar het zonnetje warmt me al snel op. Ik loop ondertussen terug tussen het glooiende landschap met de gekende koolzaad akkers en herenhuizen en der een houtkant  tussen de windmolens door. Twee vinken bewijzen nogmaals dat hun zang in Frankrijk en Wallonië anders is dan in Vlaanderen.

Ik wandel nog steeds alleen als ik de veldleeuwerik hoor fluiten. Even later, net buiten Chateau Porcien hebben mijn twee wandelmakkers me bijgehaald. We halen een stempel voor onze credential op de mairie, de enige tot nu toe die we open gevonden hebben, nadien voorraad inslaan en dan trakteert Dominique op een koffietje.

Voor de rest zullen we hetzelfde scenario van gisteren krijgen, met hoogtes en laagtes, eindeloze veldweggetjes, de rugzak die steeds zwaarder wordt en benen steeds pijnlijker aanvoelen, nog niet gesproken van mijn pijnlijke blaar. Uiteindelijk worden we warm onthaald bij een oud compostella ganger die zijn ruime huis openstelt voor pelgrims. Direct koffie en koekjes aan de open haard, wat doet dat deugd.

 

 

 

Dag 12 : Boult sur Suippe - Reims

Gisteren bij het avondeten samen met de makkers, Els, ook een pelgrim ontmoet uit de Kempen. Wegens een probleem met de knie kan zij slechts 20 km per dag lopen maar dat lukt wel. Onze gastheer en -dame eten ook mee. Zij hebben een gratin met hespenrolletjes gemaakt met een slaatje, voorafgegaan door een tomatensoep van eigen tomaten en als dessert is er kaas en ijs. Koffie en koekjes kunnen ook niet achterblijven en dat allemaal voor 30 eur inclusief kamer met ontbijt. Dominique en ikzelf delen een kamer en Miguel ligt alleen. Na het avondmaal nog lekker nagenieten bij de koffie aan de open haard en dan onder de wol.

Om 8 nemen we ons ontbijt en kunnen we tegen 9 rustig vertrekken naar de hoofdstad van de champagne, Reims. Een eentonige wandeltocht, met weinig hoogteverschil door een soortgelijk landschap van de laatste dagen. Er staat een koude kopwind en het blijft bewolkt. Dominique neemt al snel afscheid van ons want wil in een nonnen klooster ten oosten van onze route overnachten, maar Els wil zijn plaats in ons gezelschap wel innemen, zo vertelt ze in haar typisch kempisch.

Halverwege de tocht van amper 20 km zien we een schuur met stro die heel recent in vlammen opgegaan is, want het smeult nog na en zeker een 6 tal trailers die mee in de vlammen zijn opgegaan. Hopelijk was de boer goed verzekerd. In de verte duiken iets later al de voorsteden van Reims op en snel daarna zitten we in het centrum, aan de immense kathedraal, waar we met alle egards ontvangen worden, inclusief de begeerde stempel. 

Toeristen van overal staan aan te schuiven om de kathedraal te bezoeken maar wij maken ons uit de voeten. Els stapt richting jeugdherberg, Miguel en ikzelf betrekken samen een hotelkamer vlak bij de kathedraal.  Rust, douchen, kleren wassen en logies zoeken voor morgen zijn ons deel. Alleen lukt dat laatste niet zo goed wegens Pasen. Er zijn slechts enkele logies beschikbaar over 40 km tot Epernay en die zijn allemaal volzet. Uiteindelijk besluiten we een klein stukje met de trein af te leggen en de rest te gaan wandelen.

 

 

 

Dag 13 : Reims - Moussy

Ik kan kort zijn over vandaag. Na een ontbijt in het centrum van Reims  vertrekken we naar het station om af re reizen naar Epernay, aangezien op de tussenweg geen enkel overnachtingsplek beschikbaar is.

Ook collega wandelaars hebben dit plan blijkbaar overgenomen. Langs ons zit een 4 tal Zuidafrikaners die ook op weg zijn van Reims naar Epernay om champagnes te proeven. Ze zijn tewerkgesteld in Nederland en doen een audit in de financiële sector. Dit weekend hebben ze te baat genomen om te feesten. Joenk volk wor.

Als wij over onze plannen vertellen zijn ze een en al oor. Baie Cool. Bij aankomst in Epernay zoeken we een eetgelegenheid, vandaag wordt het sushi. Na onze lunch beginnen we aan de stijle beklimming uit het dal en na enkele kilometers zitten we volop tussen de wijnranken van dure champagnehuizen. 

Na 5 km klim en daalwerk bereiken we het einde van onze korte doch intense route in Moussy. Nu begint de zoektocht weer naar een slaapplek voor morgen 

Aan iedereen een zalig paasfeest vanuit de Champagne 

Dag 14 : Moussy naar Montmort- Lucy

Gisteren is het een echte zoektocht geweest om logies te vinden binnen een straal van 30 km. Uiteindelijk hebben we onze ambitie moeten bijstellen naar 16 km, maar hebben we na veel zoekwerk paasmaandag ook kunnen beslag leggen op een plaatsje in Sezanne. Da's voor morgen dus en dat wordt een pittige tocht van 32 km met 500 hoogtemeters. Maar voor paasdag houden we het bescheiden met 16 km en 180 hoogtemeters.

Aangezien Moussy in een dal ligt moeten we onmiddellijk fors beginnen klimmen tussen de wijngaarden. We zijn : Miguel en ikzelf, Els die we enkele dagen geleden in de etappe naar Reims leerden kennen en Mark, een Nederlander, maar daar kan hij verder ook niks aan doen.

Al snel, na enkele wijngaarden en piepkleine dorpjes te zijn gepasseerd, komen we in een groot bos en dit strekt zich uit tot haast aan onze eindbestemming voor vandaag. Het is er moeilijk stappen want de everzwijnen zijn hier zeer actief. Je ziet bovendien overal de sporen van hun pootjes. Wat verder in het bos steekt een ree ons wandelpad over en horen we voor het eerst een koekoek zingen. De zomer is in aantocht, want de rest van de week gaan de temperaturen flink stijgen.

Tegen 13 u hebben we onze tocht al afgewerkt en zoeken we in het kleine dorpje iets om te drinken. Alles gesloten, behalve een klein restaurantje waar de moslim uitbater geen aanstoot neemt aan Pasen om ons een versnapering en een drankje te verkopen. Miguel en ikzelf trekken nadien nog anderhalve kilometer verder om bij een lokaal gastgezin te verblijven.

Dag 15 : Montmort-Lucy tot Sezanne 

Het lokale gastgezin waar we vannacht verbleven hebben was, laat ons zeggen, een speciale ervaring. De meneer en mevrouw zeer  vriendelijk en sociaal. Zitten in de plaatselijke sportclubs en het verenigingsleven. De zoon des huizes is ongeveer 130 kilo (zie plaat van Dikke) is nog laatste jaar studies chemie bezig en is zo te horen zeer intelligent. Zijn tweelingzus is afgestudeerd als psychologe en uit huis en dan heeft mijnheer nog 3 volwassen dochters uit een vorig huwelijk, waarvan er eentje later op de avond binnenkomt. Alleen het huis zelf waarin ze leven en hoe ze leven. Tja moeilijk te beschrijven, een nieuwe ervaring voor mij of zoals Miguel het verwoordt : un bordel.

We starten om 8 onder een stralende zon en 2°. In de loop van de dag zal de thermometer stijgen naar 16°. We lopen richting dorpje en merken aan weerszijden van de weg grote aangelegde rietvelden. We vragen ons af of dit voor dakdekkers van strodaken aangelegd is. Als we uit het dorp komen, zitten we alweer snel tussen de immense koolzaad velden en even later in de bossen en zo loopt het de ganse dag door. Enkele afwisseling is af en toe een uitgestorven dorpje.

En dat allemaal in een op en neergaande omgeving. Na 20 km begint mijn teen met de blaar terug op te spelen en de laatste paar km is een kleine martelgang. Ik probeer na de douche in Sezanne naar de apotheek te gaan, maar die is wegens paasmaandag gesloten. Dan maar terug om Miguel op te halen in ons logement en eten te gaan zoeken in het centrum. Het wordt een couscous met kip vandaag. Lekker maar door de ongerustheid over mijn gezwollen teen kan ik niet echt genieten. Morgen terug via de apotheek voor vertrek. 

 


Met het te hebben over de plaat van Dikke realiseer ik me dat ik tot op heden nog geen muziek heb beluisterd. Dus ook geen liedje van de dag heb gepost zoals eerder beloofd. Redenen : In gesprek met medewandelaars en als ik alleen wandel heb ik al mijn zintuigen op scherp om de omgeving in me op te nemen. Misschien later, dan zien jullie het wel.


Dag 16: Sezanne - Bagneux

Vanmorgen na het ontbijt naar de apotheek om me te laten adviseren over mijn blaren. De kleine teen aan mijn rechtervoet is ondertussen dubbel zo dik als normaal. Speciale pleisters meegekregen die efficiënter zouden zijn dan die ik nu gebruik. Nog wat wandelwol in de sok gestoken en we zijn weer op pad.

Nog in het centrum van Sezanne, een oud en onderkomen stadje waar echt niks te beleven valt,  komen we Mark de Nederlander tegen en nemen hem mee op sleeptouw.Aan de rand van het stadje staat een oude man in zijn kersenboomgaard de vorstschade op te meten. De bigaro's zijn foutu meldt de arme man.

Wat verderop zitten we terug tussen de wijngaarden om nadien terug in het gekende landschap van akkers, koolzaadvelden en bosstroken te duiken en zo zal het de ganse dag afwisselen. Ondertussen sprint er een ree weg op een groot grasveld als ze ons in de gaten krijgt. Gelukkig zijn het wat minder heuvels vandaag maar de zon brandt ondertussen genadeloos op ons hoofd en in de namiddag beginnen mijn schoenen te dampen van de hitte en tegen km 20 wordt het worstelen met mezelf en vooral met mijn blaren. Ik laat Miguel en Mark voorbij lopen en maak mijn schoen even los om de schade op te meten en de wandelwol wat te verplaatsen. Waar ben ik in godsnaam aan begonnen denk ik. Sukkelend werk ik nog een paar kilometers alleen af en dan staan mijn twee makkers me op te wachten.

Even  verder komen we aan een dassenburcht, maar blijkbaar is men hier niet op de diertjes gesteld want er staat een grote kooi met lokvoer om hen te kunnen vangen. Samen verliezen we de juiste weg uit het oog en moeten we over een omgevallen boom over een beekje om terug op de juiste weg te kunnen geraken. 

Als we bij het voorlaatste dorpje aankomen merken we een hele hoop silo's op. Blijkbaar bevatten ze graanproducten horen we later. Mark logeert in dit dorpje en omdat er blijkbaar enkele bars zijn en wij naar een koeltoren drankje snakken, wagen we de omweg. Helaas zonder succes, alles dicht. Drie kilometer voor niks afgelegd. Ik ben stilaan kapot en laat Miguel vooruit lopen naar onze eindbestemming. Een boerenerf met een zeer vriendelijke gastvrouw en gastheer, die ons dadelijk een biertje presenteren. Geloof het of niet maar zelfs een Heineken smaakt na zo'n warme dag.

Na een verkwikkende douche en het verzorgen van mijn blaren is de batterij weer opgeladen en zijn we klaar voor het avondeten. We zitten 'gezellig' aan tafel met een Nederlands stel en het boerenkoppel, terwijl ik als tolk wordt ingeschakeld. Miguel en ikzelf nemen mekaar op de korrel en iedereen lachen. Ondertussen serveert mevrouw een slaatje  nadat mijnheer ons een zelfgemaakte Pommeau als aperitief had aangeboden, niet te zoet met een mooi zuurtje. Vervolgens wordt een heerlijk varkensgebraad geserveerd met gebakken aardappeltjes en groentjes en een heerlijk rood wijntje, om af te sluiten met een yoghurt en 3 soorten zelfgemaakte jam.Ook alle groentjes zijn uit eigen tuin. De Nijmegers vertellen telkens een stuk van de camino te lopen,  nu tot Troyes. De boer heeft hem gefietst. Zijn zoon heeft het 180 ha grote graanbedrijf overgenomen. Na de koffie is het tijd voor bed en dan hebben we een rijk gevulde dag gehad. 

 

 

 

 

Dag 17 : Bagneux - Savieres

Vanmorgen na het ontbijt uitgewaaid door onze boerenfamilie. Vrij snel komen we door de velden aan het kanaal. Het wordt vandaag 25° onder een stralende hemel. Puffen dus.

Na het open landschap slaan we aan een kanaal linksaf en dit wordt ons uitzicht voor vandaag. Soms aan de linker-, dan weer op de rechteroever van het kanaal met aan  weerszijde een bomenrij die ons af en toe wat schaduw geeft. Heel rustig wandelen we met af en toe een passerende fietser of lokale wandelaar met z'n hond.

In Mery sur Seine, een klein dorpje langs het kanaal en ja ook langs de Seine, slaan we onze voorraad in voor vandaag. Dan weer verder langs het kanaal en we zien soms de Nederlanders voor ons uitlopen. Halverwege, hebben we de gelegenheid om een koel drankje te nuttigen in een oude kluis, tussen het kanaal en de Seine. En in de schaduw. Het gevoel met mijn teen is wat beter, mogelijk omdat het vlakke weg is.

Bij aankomst moeten we even wachten op de thuiskomst van onze gastvrouw, krijgen een glaasje fris aangeboden en dan de douche en de voeten verzorgen. Morgen weer een korte route van 17km tot de stad Troyes. Wel weer een bijkomende blaar op mijn andere voet.

Dag 18 : Savières - Troyes

Vanmorgen na het ontbijt met volle goesting terug vertrokken. Eerst stappen we richting centrum van het dorpje waar we het Nederlands koppel in de verte zien aangestapt komen. We zwenken linksaf richting Seine en kanaal, achternagezeten door de Hollanders. 

Opnieuw zullen we tot bijna in Troyes 17 km verder langs het kanaal lopen onder een mooie bomendreef, alleen, dit moeten de saaiste 2 wandeldagen op de Camino geweest zijn tot nu.Een beetje verder op de weg km 6 of zo, ontdoe ik me van mijn sweater, terwijl Miguel de bosjes ingedoken is en het Nederlandse koppel me voorbij steekt. Korte babbel en weg zijn ze. 

Mijn blaren beginnen even later al flink op te spelen terwijl de temperatuur langzaam richting 25° gaat. Na enkele stops om mijn wandelwol te herschikken en uiteindelijk eruit te halen, komen we in de voorsteden van Troyes. De paar km tot mijn hotel lijken eindeloos, maar na een frisse douche en opknapbeurt van mijn blaren begint de honger stilaan te komen en ben ik voldoende hersteld om in het oude centrum wat eten te scoren. We besluiten om een toeristische uitstapje door het oude en zeer mooie stadsdeel te maken. Fantastische stad is dit, met 5 kerken, 1 basiliek en 1 kathedraal.

Ik heb ondertussen beslist om morgen ook hier te blijven en te rusten en afhankelijk van de evolutie van mijn voeten nadien door te stappen of huiswaarts te keren, aangezien de blaren steeds erger lijken te worden ipv beter.

 

 

 

Dag 19 : rustdag Troyes

Vanmorgen afscheid genomen van mijn maatje Miguel. Hij heeft een plaatsje weten te bemachtigen op 35 km van hier. Met mijn blaren haal ik dat momenteel niet en heb ook al mijn verblijf in Troyes verlengd tot morgen, zodat ik ff rust kan nemen. 

In de ochtend neemt mijn maat Dominique contact met me om af te spreken om samen een stadswandeling te maken en iets te eten. Hij komt zijn kleren, die hij in de Seine gewassen heeft, na er zelf een duik in te nemen, bij mij op de kamer drogen. Zo kan hij ook zijn batterijen terug opladen want in zijn tentje heeft hij uiteraard geen electriciteit. 

Terwijl we zitten te eten komt het Nijmeegse koppel Martijn en Noemie  die ik enkele dagen geleden leerde kennen  ook even gedag zeggen. Zij blijven tot dinsdag hier en keren dan richting Reims waar hun auto staat. Nadien neem ik ook van Dominique afscheid en probeer ik de rest van de namiddag al de schaarse accomodaties die er binnen een straal van 30 km zijn te bereiken voor een overnachting morgen. Voorlopig zonder resultaat. Bij een tweetal waar ik op voicemail heb ingesproken is er nog enige hoop, anders wordt het een treinrit naar huis.

 

 

Dag 20 : Troyes - Eaux Puissaux

Na een uitgebreid ontbijt vertrek ik om half 8 met veel zin na mijn rustdag in Troyes. Ultiem heeft mijn maat Miguel nog een plaats kunnen versieren voor mij bij Mathilde, gerenommeerd voor haar b&b en haar excellente keuken. Enig probleem het is 32 km en 350 hoogtemeters verder.

Het is nog fris als ik door de nog ontwakende stad wandel. Als ik uit de bouchon stap kom ik dadelijk in een mooi aangelegd park dat even verder in een prachtig bos veranderd. Joggers, wandelaars, drugskoeriers, allemaal zijn ze al present, evenals de vogeltjes, kwakende eendjes en eekhoorntjes. De geur van fruitbloesens is intens.

Na ongeveer 4 km kom ik in een mij meer vertrouwd landschap want na de chique buitenwijken kom ik in de koolzaadvelden en akkers terecht. Over een van de akkers zie ik 2 patrijzen wegvluchten en wat verder  komt een haas nieuwsgierig piepen tussen het koolzaad. Ondertussen begint mijn blaar op te spelen en besluit ik een plox als zitbank te gebruiken om me van mijn sokken te ontdoen en mijn wandelwol te fatsoeneren. En wie betrapt me hierbij? Els, een van de pelgrims die eerder ook al eens met ons meewandelde.

We wandelen samen dus verder over berg en dal tot we in een sprookjesbos belanden, waar we besluiten te lunchen op een omgewaaide boomstronk. Onze broodjes zijn nog niet helemaal verorberd of we moeten onze regenjas aantrekken en zo besluiten we onze lunch voortijdig. Mijn short van voormiddag blijkt wat fris te zijn nu de temperaturen van 20 naar 14 gedaald zijn.

Na nog meer klimwerk en nog meer akkers en bossen komen we aan het dorp waar Els een logis gevonden heeft. Ik moet echter nog 6 km verder en ik ben nu al kapot. Onderweg bij een daling doen mijn voeten zoveel pijn dat ik overweeg om even te rusten, alleen plons de regen nu met bakken uit de hemel. Maar verder zwoegen dan. Ik passeer midden door een bos, waar ik een koekoek hoor. Later zie ik er ook een, als ik in mijn b&b in de spiegel kijk.

Gelukkig word ik hartelijk ontvangen en na een lokale cider smijt ik me onder de douche , verzorg ik mijn voeten weer en maak ik me  klaar om aan tafel te gaan. Wat dacht je van een slaatje met eendenborst en een glaasje chablis. Vervolgens een botermals gebakken biefstuk van Limousin rund, met gebrande wortelen, erwten en champignons met een overheerlijke bourgogne wijn en om af te sluiten met een zelfgebakken tarte tatin met een bol roomijs ,na de uiteraard gebruikelijke lokale kaastafel om te eindigen met een heerlijke calvados. 

Het Nederlands koppel dat mee aan tafel zit komen hier al voor de 3e keer, wegens het lekker eten. De gastvrouw en gastheer hebben beiden kokschool gevolgd en zijn beide letterlijk en figuurlijk Bourgondiërs. De Nederlanders hebben zojuist hun huis in Nederland verkocht en voor dat geld een villa in de Limousin gekocht. Binnen 3 weken verhuizen ze naar ginder met hun 3 poezen. 

Morgen staat er 27 km op het programma en stappen we de Bourgogne binnen. Als dat maar goed komt.

 

 

Dag 21 : Eaux-Puisseaux - Roffey

Vandaag ontbijt ik wat later, maar minder uitgebreid. Mevrouw heeft al eitjes gekookt en een picknick klaar gemaakt want onderweg is niks te vinden. Mijnheer gaat vandaag hout kappen want dit blijkt de laatste dag te zijn dat dit is toegelaten voor dit jaar voor particulieren. En dan moet ik weer aan de slag. Het is mistig, maar het zal tenminste droog blijven vandaag.

Op de weg nog altijd dezelfde taferelen als de vorige dagen. Om de zoveel tijd tussen de velden passeer ik een uitgestorven dorpje of een pietluttig gehuchtje. Her en der heeft men willekeurig een boerderijtje uitgestrooid tussen de weilanden en koolzaadvelden. Dan weer moet ik door een verlaten privébos dat bestemd is voor de kap. Deze bossen zijn niet toegankelijk maar de Camino loopt er wel door, al zijn de brede boswegen helemaal kapot gereden door zware machines. Zeer moeilijk te stappen en bovendien erg modderig door de regen van gisteren.

Op een gekapte boomstam kan ik wat rust nemen en mijn lunch verorberen. Mijn voeten beginnen weer op te spelen als ik terug vertrek. Halverwege zit ik en dat wordt dus nog een calvariegang. Bovendien zijn de wegen hier kaarsrecht en eindeloos lang. Naar het einde toe passeer ik het canal de Bourgogne en zijn we dus officieel in de Bourgogne. Na nog eens 5 km langs het kanaal kan ik eindelijk afslaan naar mijn logisadres.

Geradbraakt kom ik aan maar morgen is weer een nieuwe dag

 

 

 

Dag 22 : Roffey - Chablis

Gezien de toestand van mijn voeten heb ik me voorgenomen de volgende dagen wat minder hooi op de vork te nemen. Vandaag heb ik 18 km op het programma met 240 hoogtemeters. Aankomst ligt in het misschien wel meestgekende wijndorp van de witte Bourgognewijnen. In mijn ogen wel niet de beste, maar over smaak valt niet te twisten. Binnen 2 dagen in Vezelay krijg ik bezoek van Hilde. Dat is ook het einde van de Via Campaniensis. Een ander paar schoenen zou er voor moeten zorgen dat ik de Via Lemovencis tot de Spaanse grens tot een goed einde kan brengen. Fingers  crossed dat dit mijn geteisterde voeten wat kan verlichten.

Vanmorgen wat later vertrokken, het wordt een luilekker dagje mag ik hopen, maar zodra ik het dorpje doorkruist heb moet ik al volop aan de bak. Meestal liggen de dorpjes in een vallei en dan wordt het klimmen he. Ik heb vandaag mijn wandelstokken aangesproken om mijn voeten wat te ontlasten. Het weggetjes naar boven wordt al snel een karrespoor, waarop een vroege haas de vlucht neemt. Ik blijf nog een tijdje stijgen tot ik boven op een plateau kom met een panoramisch uitzicht. Het lijkt wel een lappendeken van groene, bruine en gele tinten. Het lijkt wel een schilderij van Monet. Maar wat me het meeste verbaast is de absolute stilte, weliswaar ingevuld door het gezang van ontelbare vogels.

Ik vervolg mijn weg en bedenk me waar de rest zich nu begeeft. Vanmorgen heb ik Miguel gelukkige verjaardag gewenst. Hij zou vanavond al in Vezelay aankomen. Elke dag doet het schriele Spaanse mannetje op zijn basketsloefkes meer dan 30 km. Voor hem is het dan ook al de 7e keer Camino,  zonder die keren dat hij op trekking was in Nepal. Dominique zit een halve dag voor mij, maar ik heb dan ook een dag rust genomen in Troyes. Bovendien zijn we niet in competitie met mekaar. Els loopt een dag achter mij en Mark ongeveer 2 dagen, maar hij bouwt regelmatig rustpauzes in.

Net voor Vezannes duik ik de vallei in naar het piepkleine dorpje in tegenstelling tot de klim die erna komt. Even door een bosje en dan weer de weidse natuur in. Een eenzame boom langs mijn pad is een te grote uitdaging om me er tegen aan te vleien, me van mijn rugzak te ontdoen en mijn sobere lunch, 2 sneetjes geroosterd brood met confituur van vanmorgen en een hardgekookt eitje van gisteren te verorberen. Een banaan brengt soelaas om mijn nog knorrende maag te stillen.

Net als ik mijn bloeddrukcontrole doe merk ik dat er nog iemand op pad is. Het blijkt een Duitse mevrouw te zijn die we voorheen ook wel al eens passeerden de afgelopen dagen. Zij doet gedurende een 14 dagen een stuk van de route tot Vezelay. Ze vraagt of alles ok is, ook dat is de Camino, zorg dragen voor mekaar en helpen als het nodig is.

Enkele kilometers verder ontwaren we de eerste wijngaarden,  dus komen we in de buurt van onze eindbestemming,Chablis, terwijl de boeren de takken aan 't opbinden zijn. En hoe kan het anders, op 3 km zien we Chablis in een enorm dal liggen. Nu voorzichtig naar beneden op de kalkstenen bodem  maar dat belooft weer niet veel goeds voor morgenvroeg. Dan zullen we een wat zwaardere etappe voorgeschoteld krijgen. 23 km met 52o hoogtemeters. 

 

 

 

 

 

Dag 23 :Chablis - Accolay

De dag begint een beetje mistig vandaag en niet omdat ik gisterenavond te diep in het glas heb gekeken. Het eten in mijn hotelletje was alleszins om duimen en vingers af te likken. Voorgerecht van asperges met, hoe kan het ook anders, een glaasje Chablis 1er cru. Hoofdgerecht was kwarteltjes met frietjes van courgettes en gebrande wortelen en een sausje van morieltjes en dat gecombineerd met Givry 1er cru. Dessert heb ik wijselijk overgeslagen, wetende wat er me vandaag te wachten stond. Een koffietje kon er wel nog in.

Maar goed, fris en nevelig weer deze ochtend maar al snel kan ik mijn zonnebril nog eens bijhalen en zie dat op dit ochtendlijk uur, het is 8, de wijngaarden al volgestouwd zijn met boeren. Een boerin die aan't snoeien is aan de zijkant van het perceel lijkt me geschikt voor een interview. Ik vraag haar of het niet te laat voor de snoei is, maar dat blijkt niet, want vannacht heet het nog -0,3 ° gevroren en nog ok voor de snoei en opbindwerk. De chardonnaystruik die ze onder handen heeft is ongeveer 150 jaar oud. Ze trekt achter zich een halve bbq mee op wielen waarin het snoeihout vervolgens opgebrand wordt. Al deze wijngaarden behoren tot de Chablis zegt ze, enkel dus chardonnay. petit chablis is 10 km verder door. Of ik de Camino loop? Dan kom ik ook langs de petit chablis regio.

Ik merk dat er bijna op elk perceel een weerstation staat met gegevens van windrichting, temperatuur, luchtvochtigheid enzovoort. Ondertussen zwoeg ik verder bergop, want de hellingen zijn hier steiler dan de vorige dagen. En dat gaat zo de ganse voormiddag door tot ik in Saint Cyr de Colombe mijn lunchpakket aanspreek op een bankje aan het kerkplein. De Duitse mevrouw van gisteren zit aan de andere kant op een bankje. Vanaf dan wordt het wat vlakker, de route de soleil steek ik over en ze doet haar naam alle eer aan.

De eerste zwaluwen worden hier ook gespot. Vanaf nu terug meer bossen en velden tot het mooie dorpje Cravant. En daar zit het venijn in de staart, want hier krijg ik nog een pittige klim voorgeschoteld tot mijn eindbestemming Accolay, waar ik word ontvangen door de uitgeweken Nederlandse Petra.

 

 

Dag 24 : Accolay - Vezelay

Gastvrouw Petra, zorgt vanochtend voor een heerlijk ontbijt. Ze kookt me de eerste eitjes van haar jonge kippetjes  want de vorige werden geliquideerd door de vos. Om half 10 heeft ze een yogasessie in het naburige dorp, dus ik maak me tijdig uit de voeten, terwijl haar labradoodle wel met me mee op stap wil..ze wuift me uit en even verder wenst een oud vrouwtje me bon courage, terwijl een loslopende hond me meewarig aankijkt.

De eerste kilometers zijn vlak en afwisselend. Eerst nog akkers en weilanden, later dan via een mooi bospaadje door het bos. We zitten nu in de Morvan en daar zorgt de toeristische dienst voor mooie wandelwegen,  getuige dit stuk van de Camino. Ik wandel nabij de Cure rivier, soms aan de oever, soms op 50/70 meter hoogte. Af en toe zijn er mooie doorkijkjes, maar altijd begeleid door vogelenzang.

Tussen Lucy sur Cure en Arcy sur Cure worden de beklimmingen echt wel stijl en vooral de afdalingen gevaarlijk.Ik hou het hoofd koel al is dat niet makkelijk bij deze temperatuur,want het kwik stijgt snel naar 20°. Bij Arcy sur Cure, waar Dominique vorige nacht op een camping logeerde, is vandaag de enige bevoorradingsmogelijkheid. Jammer voor mij maar het winkeltje is alleen namiddag open. Een mevrouw die de stoep repareert, krijgt spontaan meiklokjes aangeboden door de bewoonster, terwijl de lokale fietsenmaker heen en weer rijdt met herstelde fietsen.

Als ik even verder uit het dorpje wandel zijn een aantal dakdekkers bezig met een renovatie, terwijl de radio hard accordionmuziek speelt. In welke eeuw ben ik hier terecht gekomen? Na nog een reeks klimmen met hier en daar een uitkijkpunt, neem ik een pauze op een bankje met uitzicht. Mijn lunch bestaat uit een hardgekookt ei van eergisteren, een banaan van gisteren, net als enkele dadels. Survival heet dit concept.ondertussen ritselen de hagedissen en tjirpen de krekels alsof we in de provence zitten.

De mooie landschappen blijven mekaar afwisselen, al kruipen de hoogtemeters uur per uur meer in mijn benen, tot plots als een fata morgana aan het firmament, het klooster en basiliek van Vezelay boven de koolzaadvelden opduiken. Tijd om de laatste 150m stijging aan te vatten. Ondertussen heeft Hilde me ook bericht dat ze er is met andere schoenen, al zal snel blijken dat geen van beiden aan mijn eisen voldoen. De extra wandelwolbmoet de pijn dan maar verzachten de volgende dagen. Kort samengevat, dit was met voorsprong de mooiste wandeldag maar met zijn 30 km en 580 hoogtemeters ook de zwaarste tot nu toe. Bij deze is de Via Campaniensis afgesloten en kan ik beginnen aan de Via Lemovencis. Toch weer een mijlpaal voor mijn annalen.

 

 

 

 

Dag 25 : Vezelay - Anthien 

Nog eens een uitgebreid ontbijt vandaag in ons hotel in Vezelay met scrambled eggs and the brunch. Dominique laat me weten dat hij de Lemovencis via Nevers aanval net als ik. Miguel is al enkele dagen onderweg naar Bourges. Beide routes komen terug samen in Gargilesse Dampierres. In ieder geval voel ik na afscheid van Hilde bij mijn vertrek aan het hotel dat de benen niet top zijn. 

Bij de eerste veldweg bergop stop ik al om mijn sweater uit te doen, wegens te warm en het is amper 9°. Even verder als ik stop om Dominique terug een bericht te doen loopt een vrouw met hond achter mij en vraagt of ze kan helpen. Non madame j'etais en train d'envoyer un message. Merci pour demander. Mensen willen helpen als ze pelgrims zien.

Bij het eerste bos huppelt een eekhoorntje van tak tot tak. Hoe oorverdovend is de stilte hier toch. Behalve enkele vogels en mijn tinitus hoor ik hier werkelijk niks. In Foissy le Vezelay maak ik de keuze om via de oude Romeinse Heirbaan door de prachtige natuur te stappen. Een enorme buizerd wijst me de weg tussen enkele bomenrijen. Wat is de natuur hier ontzettend mooi, is een zin die me vandaag nog vaak door mijn hersens zal spoken.

We zitten in de Morvan en de natuur is hier kleinschaliger. Weiden met grazende koeien, hier en daar nog koolzaadvelden en mooie bossen opengesteld voor de wandelaars. Als ik Pierre Perthus verlaat vervolg ik mijn weg op de Romeinse heerbaan het bos in. Ongelooflijk dat 2000 jaar geleden Romeinse soldaten over deze stenen liepen op hun sandalen met paarden en karren die bleven steken en dan weer losgeduwd moesten worden. Allez daar gaan we weer, net als in het middelbaar als ik in de Latijnse les ' De Belgo Gallico ' moest lezen en ik telkens door de verhalen meegezogen werd ipv het Latijn te studeren.

Wat me trouwens opvalt als ik het private bos instap dat voor pelgrims opengesteld is, is de enorme verscheidenheid aan bermbloemen zoals de grote muur, look zonder look, gulden sleutelbloem, de dag koekoeksbloem, hondsdraf of daslook aangevuld met de heerlijke geur van meidoorn. Hoe weet hem het allemaal zult ge zeggen, maar daarvoor hebben we de app obsidentify.

Vlak bij bazoches merk ik aan de kant van de weg een overleden das. Het arme dier is langs achter aangereden of aangeschoten. Aan een prof om dat uit te zoeken. Wat verder na de zoveelste beklimming, tijd om de innerlijke mens wat te versterken. Rondom mij hoor ik enkel het gezoem van bijen en zingende vogeltjes. 

In Neuffontaine, een nietig dorpje met een prachtig kerkje met fresco's , gebouwd door de edelheer de Mauban, waarvan ook het kasteel bezichtbaar is, pik ik een verloren gelopen Amerikaanse pelgrim op. Heather is afkomstig van Seattle, hetgeen voor mij dadelijk de link maakt naar Kurt Cobain, Nirvana, Dave Grohl, Pearl Jam, grunge etcetera. Grappig vindt ze zelf, want headhunters va  Boeing, Amazon, Microsoft zijn in Seattle gevestigd. Het natuurschoon in deze omgeving is verblindend, in tegenstelling tot de verschijning van Heather en de discussie die zich tussen haar en mij ontspint als het over de huidige Amerikaanse politiek gaat. Alweer blijkt hoe slecht de Amerikanen geïnformeerd zijn en hoe ze zich soms blindelings laten leiden door demagogen met een dubbele agenda. Enig positief gegeven in dit verhaal is dat ik mijn pijnlijke voeten even vergeet en binnen de kortste keren mijn eindbestemming bereik.

De ontvangst bij mijn gastvrouw is heerlijk. Terwijl zij het gras maait krijg ik een Belgisch biertje voorgeschoteld op haar terras met een schitterend uitzicht over de hele vallei. Later zullen we hier ook het aperitief nuttigen en als het te fris wordt ons gesprek bij de maaltijd binnen verder zetten. Zij kookt terwijl ik de tafel dek. Zij leraar wiskunde geweest , mijn buisvak, gepassioneerd door kunst en reizen en de Elzas....

 

 

 

Maak jouw eigen website met JouwWeb